Cette publication a été publiée à l'origine sur ce site

Minister van Financiën Vincent Van Peteghem raakt de voetbalclubs dan toch minder hard in hun portemonnee dan verwacht. Hun belastingkorting wordt geplafonneerd op 12 in plaats van 4 miljoen. De grote vraag is nu of zijn plan niet botst met de Europese regels.

Nadat er al jaren grote verontwaardiging was over de onfrisse praktijken in het Belgische topvoetbal en de fiscale cadeaus die clubs en spelers genieten, bereikte de regering-De Croo in oktober een akkoord over de inperking van de gunstregimes. Die zouden met 43 miljoen dalen. 30 miljoen zou worden opgehaald door de RSZ-korting op de spelerslonen te hervormen, 3 miljoen door de aftrekbaarheid van de makelaarsvergoedingen in te perken en 10 miljoen in de fiscaliteit. Voor dat laatste luik kondigde minister van Financiën Van Peteghem (CD&V) aan dat hij de fiscale voordelen in lijn zou brengen met de Europese regels voor staatssteun.



In de voetbalwereld en de coalitie wordt de vraag gesteld of het nieuwe voorstel niet tot opmerkingen van de Europese Commissie zal leiden.

Begin deze maand raakte bekend wat hij daarmee bedoelde. In de toekomst zouden de clubs nog maximaal 4 miljoen euro fiscale subsidies kunnen krijgen: 2 miljoen voor de opleiding van jeugdspelers en 2 miljoen voor investeringen in het stadion.

Voor de clubs was dat een schok. De grote zes clubs uit de Jupiler Pro League hebben nu een aanzienlijk groter fiscaal voordeel. Maar in tegenstelling tot eerdere berichten zouden ook de kleinere clubs fors kunnen verliezen bij dit voorstel. Vandaag zijn de regels zeer ruim gedefinieerd. Van de bedrijfsvoorheffing die de clubs afhouden op de sporterslonen, moeten ze slechts 20 procent doorstorten naar de schatkist. Drie vierde van de overige 80 procent mag vrij worden gebruikt en een vierde moet naar de jeugdopleiding gaan. Maar in de praktijk vloeit dat laatste kwart naar de lonen van jonge spelers in het A-elftal.

In zijn verzet tegen het eerste voorstel van Van Peteghem kreeg het profvoetbal de steun van de coalitiepartners Open VLD en MR. Het zou namelijk veel meer opbrengen dan de beoogde 10 miljoen. Na gesprekken met de sector heeft de CD&V’er nu een nieuw voorstel gemaakt, waarin hij de grensbedragen optrekt. In plaats van 4 miljoen kunnen de clubs nog 12 miljoen subsidies krijgen: 6 miljoen voor jeugdopleiding en 6 miljoen voor infrastructuur. Ook aan de voorwaarden werd geschaafd.

12 miljoen
fiscale subsidies
In plaats van 4 miljoen zullen de clubs nog 12 miljoen fiscale subsidies kunnen krijgen: 6 miljoen voor jeugdopleiding en 6 miljoen voor infrastructuur.

Na kritiek van de Raad van State is de voorwaarde geschrapt dat de fiscale korting voor de jeugdopleiding alleen gebruikt mocht worden voor spelers die minstens vier jaar in de eigen jeugdwerking zijn opgeleid. De korting wordt wel beperkt tot 86.592 euro bruto per speler. Het gevolg van die hervorming zal dus nog altijd zijn dat topclubs minder ruimte krijgen om hun fiscale subsidies te besteden aan lonen van topspelers. In Het Laatste Nieuws zegt Van Peteghem dat daarmee ‘een belangrijke stap wordt gezet in de hervorming van een onrechtvaardig systeem’.

Juridische vraagtekens

Daarmee lijkt de brand nog niet helemaal geblust. In de voetbalwereld en ook in de regering worden vragen gesteld bij de juridische houdbaarheid van het voorstel. In het verleden werd de subsidieregeling voor de sportsector nooit als staatssteun aangemeld bij de Europese Commissie. Door te kiezen voor een plafond van 4 miljoen zou dat ook niet moeten gebeuren. Nu dat plafond wordt opgetrokken, valt te verwachten dat België zich wel blootstelt aan vragen en opmerkingen van de Europese Commissie en misschien wel aan eisen om de gegeven steun terug te vorderen. Van Peteghem geeft dat in Het Laatste Nieuws ook toe: ‘Ik begrijp dat zo’n grondige ingreep moeilijk is van vandaag op morgen. Het is wel de bedoeling dat we op termijn evolueren naar conformiteit met de Europese wetgeving.’

Het ziet er niet naar uit dat de topclubs hun verzet al helemaal staken. In het wereldje klinkt dat het nieuwe voorstel de zes grote clubs samen nog 6 miljoen euro zal kosten.